Interview Geert Teisman: ‘Energietransitie vraagt warme samenwerking tussen alle partijen’

27-10-2022

Op 7 september vond een tweede heisessie plaats van de Stuurgroep RES. Waar de eerste heisessie de kennismaking en samenwerking tussen de nieuwe Stuurgroep-leden centraal stond, werd er nu besproken hoe de vragen rond de RES samenhangen met andere vraagstukken in de regio.

Denk daarbij aan het bouwen van nieuwe woningen, het aanpassen van hoe we reizen in de regio en hoe er een gezonde ontwikkeling van bedrijvigheid kan plaatsvinden. Voor deze ochtend was Geert Teisman uitgenodigd. Geert Teisman is hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zijn kennis en expertise is met name hoe de samenwerking tussen de verschillende overheden en maatschappelijke partners rond het combineren van vraagstukken het beste vormgegeven kan worden.

Wat is het voordeel van regionaal samenwerken?

Geert Teisman: “De vraagstukken van deze tijd zijn niet meer op te lossen op een schaalniveau (gemeente, provincie, rijk) en niet meer binnen een portefeuille (energie of gebouwde omgeving bijvoorbeeld). Er is zowel intersectorale samenwerking vereist als samenwerking tussen de bestuurslagen. Dat laatste heet multilevel governance. Het is duidelijk zichtbaar dat regio’s waar partijen een gezond samenwerkingsweefsel met elkaar hebben en van elkaar weten waar ze staan, waar ze mee worstelen en hoe ze elkaar kunnen versterken, sterker staan, sneller gaan en slimmer kunnen inspelen op de ingrepen van andere overheden of op de kansen die deze andere partijen bieden.

Als dat gezonde weefsel ontbreekt en partijen elkaar wantrouwen en negatief over elkaar spreken, schiet iedereen bij het eerste het beste conflict in zijn eigen hoek en duurt het vaak lange tijd voordat de relaties weer een beetje werkbaar zijn. Dat is allemaal verloren tijd die ook aan een gezamenlijke strategie kan worden besteed. Regio’s met een gezond weefsel groeien sneller en herstellen zich sneller van klappen die er steeds weer komen. En dus is het slim om op voorhand te investeren in gezonde verhoudingen, ondanks verschillen van inzicht en belang.”

Waarom is het slimmer om een aantal vraagstukken gecombineerd op te pakken?

Geert Teisman: “Als je alle claims die op regio’s afkomen zie je overal dat de ruimte die deze sectorale claims vragen 2 keer de bestaande ruimte vereisen. Dat gaat dus niet lukken. Dan zijn er twee opties: de strijd om voorrang of het maken van slimme combinaties waarin meer functies tegelijkertijd passen in dezelfde ruimte. De eerste optie wordt al volop toegepast. Ministeries buitelen over elkaar heen om hun claims voor meer natuur, voor meer windmolens, voor mee huizen, voor meer bedrijventerreinen en zo verder in de regio neer te leggen. Dat kan alleen maar leiden tot strijd en verdriet. Alle reden dus om volop in te zetten op het herontwerpen van gebieden in de regio op zulk een manier dat er gecombineerd meer mogelijk is dan via een sectorale aanpak. Dat vereist wel dat iedere sector, ieder wethouder, iedere afdeling van een gemeente, provincie of ministerie bereid is om de eigen oplossingen te herontwerpen vanuit het belang van anderen. Mijn ervaring is dat aan die voorwaarde helaas niet altijd wordt voldaan. Dan rest slechts de strijd die veel verliezers gaat opleveren.”

Geert Teisman: “Samenwerken kent als eerste vereiste dat partijen, hoe ongelijksoortig ze ook zijn (veel geld of weinig geld, veel formele macht of weinig formele macht, eenzijdige kennis en geen kennis van andere domeinen, en zo voort) ze toch gelijkwaardig aan tafel zitten. Gelijkwaardig wil niet zeggen dat iedereen overal over meebeslist, maar wel dat iedereen erkend, gezien en gehoord wordt en dat ook zo ervaart en inbreng mag hebben. Ook is het belangrijk om een sfeer te creëren waarin partijen zich durven te uiten en zo tot een meer gedeeld inzicht komen in wat hen samenbindt, waar de pijnpunten zitten en hoe je op deze pijnpunten juist tot een hernieuwd ontwerp kunt komen die waar mogelijk de pijn verzachten en waar niet mogelijk de ‘verliezers’ toch weer perspectief bieden of compenseren (denk aan het uitkopen van boeren bij natuurgebieden). Dat is allemaal onderdeel van het proces.”

Wat zijn belangrijke factoren om een goede verbinding te leggen tussen een regionale samenwerking en de lokale werkelijkheid?

Geert Teisman: “Iedere lokale partij, hoe beperkt deze zich in eerste instantie ook uit, weet wel degelijk dat ze onderdeel zijn van een groter geheel. Zo bleek een paar jaar geleden dat raadsleden, zeker ook die van lokale partijen het wel vervelend vinden dat zoveel belangrijke beslissingen regionaal genomen worden, maar ook begrijpen dat dit niet anders kan. Wederzijds afgestemde beslissingen blijken gewoon beter uitvoerbaar en betere resultaten op te leveren.

En natuurlijk is het altijd mogelijk dat een gemeente zegt dat ze niet meedoen. We zien dat op alle domeinen ook feitelijk gebeuren. Uit mijn ervaring leer ik dat het hierdoor vaak niet beter gaat met die gemeente. Dat zullen lokale partijen steeds weer moeten ervaren. Pas als ze dat inzien gaat ze oprecht investeren in gezamenlijke acties. Het is vooral de taak van provinciale en rijksoverheden om juist die gemeenten die het collectieve belang centraler stellen dan anderen, maximaal in positie te brengen en voor het dienen van het algemeen belang ook te belonen. Draag je naar evenredigheid bij aan windenergie, aan woningbouw, aan opvang van statushouders, het inrichten van parken voor circulaire productie en zo verder, dan krijg je daarvoor ook extra middelen. Het is dan ook mogelijk dat de ene gemeente vooral excelleert op de energietransitie, de andere op de opvang van statushouders en een derde vooral veel doet aan circulariteit. Er is dan uitruil mogelijk over de sectoren heen. Mijn beeld is overigens wel dat veel gemeenten het ambiëren om op vele gebieden te excelleren. Dat blijkt ook vaak het meest bij te dragen aan een veerkrachtige en vernieuwende gemeente. Juist als je de moeilijker en meer uitdagende vraagstukken oplost, tank je eigen vertrouwen en externe waardering en die energie kun je daarna opnieuw inzetten.”

U heeft tijdens de heisessie van 7 september een klein kijkje gekregen in de keuken van de RES U16. Wat zou u de Stuurgroep RES U16 graag willen meegeven?

Geert Teisman: “Ik zou helder maken waar elke gemeente op dit moment staat. Ik zou ook het verhaal ophalen in welke mate andere gemeenten denken dat deze gemeente hier hun rol pakt in het licht van de vereiste energietransitie. Van daaruit kun je een gemeenschappelijk narratief maken voor elkaar maar ook voor de buitenwacht over wat je van de RES U16 mag verwachten in de bijdrage naar duurzame energie en waarin de RES U16 wil excelleren en andere regio’s wil helpen en waar ze nog wel wat lessen kunnen trekken uit wat andere regio’s doen. Op die manier maken de wethouders zich individueel en samen zichtbaar en worden ze ook een krachtige schakelpunt tussen wat er intern mogelijk is en wat erbuiten nodig is. En nu de energiekosten zo oplopen krijgt iedereen meer wind in de zeilen om de transitie te versnellen, verwacht ik. De nadelen van niets doen, komen als een boemerang bij iedereen terug. Zorg dat er altijd een krachtig groter verhaal is, meer dan de optelsom van alle aparte gemeenteverhalen.”

Afbeeldingen

X (voorheen Twitter)

Cookie-instellingen